Spelsoorten.Vrijspel - Kaderspelen - Bandstoten - Driebanden - Pentathlon - Klassieke fantasie of Artistiek biljart - Mag het eens wat anders zijn Daarnaast zijn er nog tal van andere manieren om je aan de biljarttafel bezig te houden. Er bestaan tal van spelletjes die kunnen zorgen voor een gezellig tijdverdrijf waarvan ik er hier enkele in het kort wil beschrijven. | ||||
| ||||
|
| Omdat het libre "te gemakkelijk" word en de schijnbaar moeiteloze series langs de band het publiek gauw gingen vervelen, doet het kaderspel zijn intrede. Rond 1880 presenteerde de Fransman Edmond Graveleuse een eerste kaderspel. Het speelvlak wordt hierbij onderverdeeld in vakken en binnen elk vlak mogen er maar een beperkt aantal caramboles gemaakt worden (1,2 of vroeger 3) zonder dat één van beide aanspeelballen het vlak verlaat. Dit eerste kaderspel was een 12 à 15 cm driestootskader. Dit werd later een 21 cm driestootskader. Reeds in 1902/03 zijn er wereldkampioenschappen kader 45/2 georganiseerd. Tegenwoordig heb je op matchtafel kader 47/2, 47/1 en 71/2, op de kleine tafel wordt kader 38/2 en 57/2 gespeeld. Bij kader 47/2 en 47/1 (en 38/2 op de kleine tafel) heeft men negen vlakken, waarbij, voor de lagere categorieën, de beperkingen niet gelden in het middenste vlak. | ![]() |
| Bij kader 71/2 ( en 57/2 op de kleine tafel) heeft men slechts 6 vlakken, hier gelden de beperkingen in elk vlak. De betere spelers verschuiven hun "serie americaine" naar de kaderlijnen toe. Daarom worden er, voor de hoogste categorieën, nog kleine kaders (ankers) toegevoegd waar de kaderlijnen aan de band komen. Deze vorm van kaderspel wordt dan ook ankerkader genoemd. | ![]() |
Een andere manier om het biljartspel wat moeilijker te maken was het invoeren van de bandspelen. Hierbij is de carambole slechts geldig als de speelbal minstens één band raakt, alvorens hij de derde bal raakt.
Deze manier van spelen komt terug in zwang rond 1933. Het zijn vooral belgen die naam maken in het bandstoten, te beginnen met René Vingerhoed (periode 1951-1960), later overgenomen door Raymond Ceulemans (periode 1963-1970) waarna Ludo Dielis de fakkel overnam.
Het is vooral het driebanden dat gekend is bij het grote publiek, misschien wel omdat deze spelsoort het meeste "spektakel" biedt. In deze discipline moet men, alvorens de derde bal te raken, minstens drie banden geraakt hebben.
In de beginjaren is, voor Amerika, Willie Hoppe de grote driebandspeler. Hier in Europa is dit de fransman Lagache. Na de oorlog echter zijn het vooral twee belgen die de fakkel dragen: Eerst René Vingerhoed, daarna Raymond Ceulemans.
Het driebanden is ook de dicipline van het "prof"-circuit dat in 1985 gelanceerd is door het BWA.
Vanaf 1933 wordt er ook pentathlon of vijfkamp gespeeld. Dit is eigenlijk geen aparte discipline maar een kampioenschap waarin alle disciplines voorkomen. Men speelt vrij, band, drieband, kader 45/2 en kader 71/2. Deze kampioenschappen kunnen zowel individueel als voor ploegen.
Daarnaast bestaat er ook nog de Klassieke Fantasie of het Artistiek Biljarten. Dit is een zeer aparte vorm van biljarten waarbij men een aantal vastgestelde figuren moet trachten te maken. Dit zijn allemaal ingewikkelde stoten die veel stootbeheersing vragen en die ook aangepast materiaal vragen.
In 1931 wordt er een eerste proefneming gedaan in de "Klassieke Fantasie" te Vichy met 12 opgelegde figuren. Een jaar later in Rijsel zijn er reeds 48 figuren waarmee 299 punten te verdienen zijn. Vanaf 1935 zijn er 64 figuren te spelen waarmee 416 punten te verdienen zijn.
Na twintig jaar wordt het tijd om wat aanpassingen te doen, bepaalde figuren werden altijd foutloos gespeeld, voor andere figuren klopte de moeilijkheidscoëfficient niet meer. Vanaf nu zijn er 76 figuren te maken met een totaal van 500 punten. Ook noemt deze discipline vanaf nu officieel "Artistiek Biljart".
Dit zijn geen officiële disciplines. Hieronder volgen enkele andere manieren om het gezellig te maken rond de biljarttafel. Deze lijst is zeker niet volledig. Een bijkomend voordeel van de meeste van dit soort spelletjes is dat het aantal deelnemers niet beperkt is tot 2 spelers.
Indien U weet heeft van andere spelletjes die bv. bij U in de club worden gespeeld laat het ons "spp_biljart@pandora.be" weten en we zullen dit graag opnemen in deze ljst.
Panaché (in Walonië) Annonceetje) of in W-VL wordt dit ook wel Strontspel genoemd. Er word afgesproken hoeveel caramboles er op een bepaalde wijze moeten gemaakt worden. Vb 5 vrij, 3 over 1 band, 3 over 2 banden, 3 driebanden en 3 losse bandstoten (eerst een band raken). Nu moet men voor dat men stoot aangeven op welke wijze men de carambole gaat maken. De carambole is dan enkel geldig indien hij gespeeld is zoals hij geannonceerd was.
Tien over rood: Men spreekt het aantal te maken caramboles af (10, 15, ...). Iedere speler speelt met dezelfde speelbal. Elk punt moet gemaakt worden over rood, dus de rode bal moet als eerste geraakt worden door de speelbal.
Spel met vier ballen: Hier gebruikt met naast de 3 normale ballen ook nog een vierde (blauwe) bal. Ook hier spelen alle spelers met dezelfde speelbal. Maakt men een carambole door de witte bal en de rode OF blauwe bal te raken krijgt men 1 punt, een carambole op de rode EN blauwe bal levert 4 punten op en indien men erin slaagt een carambole te maken op alle 3 de ballen verdient men 20 punten. Weer spreekt men op voorhand af naar hoeveel punten men speelt (100, 150, 200, ...). Een extra variant is dat men juist op dit aantal moet eindigen, vb men speelt naar 100 punten, iemand heeft 90 punten en heeft in zijn huidige reeks reeds 8 punten. Indien hij nu een carambole maakt op rood en blauw zou hij 4 punten bijkrijgen, zo komt hij echter op 102 dus word de laatste reeks niet geteld (hij blijft op 90).
Kegeltje: Men spreekt het aantal te maken caramboles af (10, 15, 20). Er kan worden afgesproken welke discipline men speelt, dit misschien naar de kunde van de deelnemers. Meestal wordt dit spel overband gespeeld, dit om het geheel wat moeilijker te maken. Indien een speler het kegeltje omver speelt, raken mag, verliest deze speler al zijn gemaakte punten. Degene die het eerst het afgesproken totaal bereikt wint het spel.